Van vet naar energie: primeur bij Esbro

Pluimveeslachterij Esbro in Wehl heeft als eerste bedrijf in Nederland de unieke AECO-FAT technologie in gebruik genomen. Vet uit proceswater wordt geschikt gemaakt als biobrandstof, die in het bedrijfsproces wordt ingezet. Op deze manier snijdt Esbro aanzienlijk in haar gasverbruik.

Flotatie-installatie

De AECO-FAT technologie is ontwikkeld door Nijhuis Industries. Een flotatie-installatie haalt het vet uit het proceswater, om het vervolgens te raffineren in vaste stof, schoon water en vet. Het vet is op een zodanige manier gescheiden, dat het goed en duurzaam te verbranden is. Het is hiermee een duurzame energiebron voor een warmwaterketel. De energie die dankzij deze ketel vrijkomt, zet de pluimveeslachterij in voor het bedrijfsproces. Naast een reductie van het gasverbruik brengt de technologie nog andere voordelen met zich mee. Zo zijn er minder chemicaliën voor de waterzuivering nodig. Ook hoeft de pluimveeslachterij minder vaak het slib af te voeren. Hierdoor daalt de CO2-uitstoot.

Primeur

Esbro kent dus de primeur van deze slimme technologie, die volgens Nijhuis Industries ook interessant is voor de terugwinning van vet uit waterige processtromen van andere bedrijven in de voeding- en genotmiddelenindustrie. Door het vet uit het proceswater als duurzaam teruggewonnen product aan afnemers in de regio te verkopen, levert Esbro een bijdrage aan de regionale circulaire economie. De pluimveeslachterij is zich ten volle bewust van de rol in haar omgeving. Voor Esbro betekent ‘modern slachten’ dan ook meer dan alleen produceren met maximale efficiency. Het bedrijf is al jaren messcherp in de verduurzaming van haar bedrijfsproces.

Menu